Self Help PhD

Nu ik langzaam begin te wennen aan die twee nieuwe letters voor mijn naam – en vooral aan al hun implicaties, wordt het tijd om te reflecteren. Zoals de afgelopen twee jaar uit mijn columns is gebleken, kent promoveren pieken en dalen. Ik ben hier – en in het echt – vaak kritisch geweest jegens het wetenschappelijke klimaat en de rol die jonge wetenschappers daarin spelen. Maar wil dat zeggen dat ik het anderen afraad te promoveren? Of dat ik spijt heb van mijn promotie? Absoluut niet! Er zijn wel een paar dingen die je, wat mij betreft, in je achterhoofd zou kunnen houden als je een promotie overweegt, of er net eentje begonnen bent…

Realiseer je dat een promotie meer is dan alleen een wetenschappelijke proeve van bekwaamheid. Het gaat niet alleen om baanbrekende resultaten, ook al zul je dat gevoel wel krijgen. Het gaat ook om wetenschappelijke vaardigheden, zoals het opzetten, uitvoeren en kritisch evalueren van een onderzoek. Communicatievaardigheden: presenteer je resultaten in een wetenschappelijk artikel, mondeling op een congres, of populair-wetenschappelijk. En manage maar eens zo’n enorm project van een paar jaar! Maar naast deze professionele vaardigheden is promoveren in mijn opinie vooral een bijdrage aan je persoonlijke ontwikkeling. Daar kan geen self-help-boek aan tippen.

Besef ook dat het niet altijd alleen maar makkelijk en leuk zal zijn. En vooral: dat dat niet erg is. Er zullen dagen zijn dat je niets uitvoert, weken die je verdwaald op internet doorbrengt, maanden waarin je geen progressie maakt. Of dat nou komt doordat je gewoon even geen motivatie hebt, doordat je vastzit in een analyse, doordat je hopeloos verliefd bent, doordat je ziek bent, doordat je ruzie hebt met je promotor: feit is dat het zal gebeuren. De levensfase waarin de meeste mensen promoveren is er eentje waar vaak ook grote veranderingen in de privésfeer voor zullen komen: dingen als trouwen en kinderen krijgen, of juist het verbreken van lange relaties. Oja, en vergeet die quarterlife-crisis niet. Het heeft allemaal invloed op je werk, want je bent méér dan je werk. En dat is goed, daar leer je van.

Last best: er zijn geen perfecte proefschriften, er zijn alleen proefschriften die af zijn. Jij zult altijd het meest kritisch zijn op je eigen werk en in jouw ogen zal het dus steeds nog net niet perfect zijn, nog net niet af zijn. Jij bent degene die het meest weet over het onderwerp van je proefschrift, over wat je precíes hebt gedaan. En dus ben jij degene die het beste kan inschatten wanneer het klaar is. Die afrondingsfase is slopend, het kan oneindig lang doorgaan of althans zo voelen, maar genoeg is genoeg.

En daarmee is, hora est, deze een-na-laatste column van mijn hand niet perfect, maar wel af. Genoeg is genoeg.

 

[Column verscheen eerder op Voxweb.com]

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *